Kill that hill: Gaatkensbult

Eindelijk weer eens met mijn favoriete loopmaatje op stap om een virtuele wedstrijd te lopen. En: ik mocht kleppen.

Wat viel het afscheid zwaar tijdens de Kroondomein het Loo Trailmarathon. Ramona had rugpijn gekregen en ik moest haar achterlaten om de marathon zelf uit te lopen. Terwijl ik eigenlijk liever bij haar bleef om te zorgen dat alles goed ging. Dat ik haar startband nog bij me had, zouden we wel snel oplossen. Maar corona kwam ertussen, zodat er geen gezamenlijke wedstrijden meer op het programma stonden. Wie zelf niet loopt, weet niet hoe fijn het is om iemand te hebben die gelijke doelen heeft – plezier in plaats van jakkeren – en die jouw tempo loopt. Nu eindelijk de eisen aan buitensporten wat milder zijn, besloten we daarom samen een virtuele run te gaan lopen: Kill the Hill

Deze challenge van de Groningse trailwinkel Steenboksport komt eigenlijk in plaats van een wedstrijd bij Kardinge, waar net als in Bergschenhoek een skiheuvel voor hoogtetraining is. Het doel: loop 200 hoogtemeters voor een bronzen medaille, 250 voor zilver of 300 voor goud. Uiteraard gaan wij voor goud.

Reizen

Zoals ook beschreven in mijn verhaal over de verticale kilometer, was er één probleempje: het moet dichtbij huis zijn. We rijden geen van beide auto en het openbaar vervoer is alleen voor essentiële reizen op het moment. Oftewel, we moeten een punt tussen beide huizen zien te vinden, waar veel hoogtemeters zijn te maken. Omdat ik de Me-Mover wel kon gebruiken – nooit ver van de parkeerplaats – kozen we ervoor dat ik iets verder zou reizen. Uiteindelijk kwamen we zo bij de Gaatkensbult in Barendrecht terecht, 22 km voor mij en ongeveer 10 voor Ramona. Klinkt goed toch?

En als je dan ’s ochtends opstaat, klinkt het ineens veel minder. Het waait heel hard, haal ik het wel met de Me-Mover? Waar is die fietspomp? En to top it of: waarom uitgerekend nu een bad hair day, die door de helm alleen maar erger zal worden. Zie ik eens iemand, ben ik onherkenbaar door het coronakapsel.

‘Gelukkig’ had ik de avond tevoren ook nog een artikel in een vakblad voor lopers gelezen, waarin lopen op de Me-Mover werd vergeleken met continue heuveltraining. Dat helpt als je nerveus wilt worden of je iemand nog bij kunt houden.

Het zal dan ook niemand verbazen dat ik aan de late kant vertrok (rond 9 uur). Gelukkig was het nog redelijk rustig, want ik moest dwars door het centrum van Rotterdam, over de Erasmusbrug en via Zuidplein naar Barendrecht. Natuurlijk gebruikte ik weer Komoot voor de navigatie. Maar het ging helemaal mis bij Zuidplein. Ik ben wel tien keer fout gereden in een buurt die ik normaal mijd; het is toch wel een beetje een achterbuurt.

Komoot valt de laatste tijd vaker uit. Eigenlijk is dat begonnen na een update van mijn Motorola. Het begint er vaak mee dat de app aangeeft dat het GPS-signaal zwak is. Maar het lijkt haast, of in werkelijkheid de sensor gewoon wordt uitgeschakeld omwille van het energiegebruik. Ik hoop dat ik er een oplossing voor kan vinden. Nu betekende het bordjes volgen en af en toe stoppen om te zien of ik op route was.

Witte busjes

Vlak na het centrum van Barendrecht doemde hij dan eindelijk op als kunstmatige puist in het vlakke land: de Gaatkensbult. Bovenop een grote ronde spiegel, dus het was zeker weten de juiste. Halverwege de bult vond ik een sterk verkleumde Ramona. Ik was een half uur te laat… En haar kennende, was zij te vroeg. Dat is niet handig op een winderige plek, en ik voelde me wel een beetje schuldig.

Snel de fiets op slot en lopen maar dus. Aanvankelijk vond ik dat wel een beetje eng: de Me-Mover is erg opvallend, moeilijk vast te zetten en best wel duur. Maar we zouden er toch rondjes langs lopen, dus was hij nooit langer dan een paar minuten alleen. Bovendien waren er voornamelijk bootcampers en af en toe andere lopers die op de trappen trainden. Geen plek voor witte busjes om mijn kind in te laden.

Zelf liepen we eerst naar het laagste punt van de bult om deze vervolgens via onverhard te beklimmen. Onze horloges maten een nette 25 hoogtemeters. Dat kwam goed overeen met de kaart, en was een eenvoudig getal om mee te rekenen voor onze 300 hm.

Traplopen

Anders dan de hardloopgroepen die af en toe voorbijkwamen, wilden wij met name trails trainen en niet alleen traplopen. Dus gingen we afwisselend over de leempaden en de groene hellingen. Qua hoogte maakt dat natuurlijk niet uit, qua zwaarte wel. Het meeste klimwerk deden we echter op rustig tempo.

Niet te snel heeft een groot voordeel. De Me-Mover-training vooraf was geen probleem daardoor en we konden rustig bijpraten. Tijdens wedstrijden is dat vaak wat moeilijker, wat mij nog wel eens op een ‘nu even niet kleppen’ komt te staan. Ook dat mis ik wel, die adrenaline tijdens de grote wedstrijd van mij en mijn karaktervolle loopmaatje.

Het leukste van de route was eigenlijk het afdalen. Dat ging vrijwel altijd via de graskant. Lekker snel met de voeten bewegen en gebruikmaken van mijn gewicht en ervaring. In het begin was ik daar een stukje sneller, maar Ramona pikte het vlug op.

Uit pas

Veel eerder dan we verwachtten, zaten de 300 hoogtemeters erop. Althans op de Fenix 5s van Ramona, die consistent 25 m per ronde noteerde. Mijn Fenix 5x lag door een ronde plots een paar meter achter. Hoe dat kan? Ik vermoed dat het te maken heeft met de harde wind en de plaatsing van de barometer in de 5x. We liepen immers dezelfde route.

Omdat het zo makkelijk ging, en we zeker wilden zijn van voldoende hoogtemeters voor onze virtual run, besloten we nog even door te lopen. Uiteindelijk klokte Ramona 425 hoogtemeters. En nog lang geen 10 km lengte. Dat kan natuurlijk niet als je meedoet met de Great Virtual Race Across Tennessee. Voor de spieren leek even uitlopen door het park langs de Maas ook wel een goed idee. Hoewel alles nog steeds behoorlijk soepel voelde, veel beter dan na de verticale kilometer.

Coffee to go

Met de voorspoedige loop, was het nog veel te vroeg om afscheid te nemen. Gelukkig had ik tevoren al een plekje gevonden waar we koffie konden afhalen. En eventueel taart, maar dat is niet verstandig vanwege mijn coronapens (gelukkig had ik vandaag een goed model om de foto’s in mijn blog toonbaar te houden).

Het was meteen ook de eerste keer dat ik een meefietser had terwijl ik op de Me-Mover was. Ging boven verwachting goed. Het tempo van de Me-Mover ligt vaak wat hoger dan van een gewone fiets (meestal rond de 20-22 km/h als wind niet tegen is) en bochten en remmen vereisen dat je er niet vlak achter rijd. Vanwege de breedte is ernaast rijden meestal ook geen optie.

Het theehuis gaf de gekte van de maatregelen nog maar eens goed weer. Je mocht er niet binnen of op het terras zitten, flesjes cola gingen in een kartonnen beker. Vlak voor het theehuis is een park. Daar konden we gewoon aan een bankje onze cappuccino’s drinken.

Alleen bij Feyenoord

Na het afscheid was het een kleine 30 km terug naar huis. Wederom over de Erasmusbrug, maar niet langs Zuidplein. Dit keer was de route deels al bekend en ging het een stuk makkelijker.

Anders op deze route was ook dat ik langs de wijk Feyenoord kwam. Inderdaad, ook langs het stadion. De hele route had ik hooguit een paar verbaasde blikken gezien, maar hier keek praktisch iedereen om, en waren er opgestoken duimpjes, toejuichingen en toeters. Vreemde gewaarwording, de Me-Mover is nog behoorlijk onbekend in die omgeving. Al was ik even bang dat ik iets had verloren.

Wel leuk die aandacht, maar in de drukte van de stad let ik vooral op het verkeer. Een fiets als deze heeft wat onhandigheden op drukke wegen. Ondanks dat ik sneller ben dan veel fietsers, schatten auto’s uit zijwegen het vaak als een langzaam voertuig in. De breedte is lastig met inhalen op smalle fietspaden met bakfietsen. En remmen en scherpe bochten zijn zaken die ik zelf nog een beetje onder de knie moet krijgen. Toch viel het relatief drukke Rotterdam doorkruisen me heel erg mee. Ik ben zeker wel gegroeid in fietstechniek.

Eenmaal thuis was ik voldaan, maar nog lang niet moe. Mijn haar was door de harde tegenwind nu volledig uit model. Maar ik had een mooie serie resultaten neergezet.

Qua eten is het ook nergens een probleem geweest. Ik heb 1 zakje Generation Ucan, 1 portie Isostar sportdrank, 1 nougat en twee krentebollen gegeten. De bloedsuiker bleef al die tijd tussen 5,5 en 10 mmol/l.

3 antwoorden op “Kill that hill: Gaatkensbult”

Reacties zijn gesloten.