Zandstruinen in het Drents-Friese Wold

Nederland heeft veel mooie natuurgebieden. De noordelijke zijn bij sommigen nog wat onbekender, maar zeker zo mooi. En vanuit het huis van schoonmoeder ben ik er zo, dus een mooie plek om mijn eetstrategie nog een keer uit te testen.

Het Drents-Friese Wold doet me vooral denken aan de lange zomervakanties uit mijn jeugd. Niet dat wij er destijds naar op vakantie gingen, maar omdat we in Tolbert (Groningen) woonden, maakten we wel geregeld een uitstapje naar dit gebied samen met de honden. Het Drents-Friese Wold is niet alleen een bos, maar staat vooral ook bekend om de grote zandduinen, die mij altijd fascineerden. Alsof je een woestijn in Friesland/Drenthe hebt.

Het bekendste instappunt is Appelscha, waar tegenwoordig een bezoekerscentrum is gevestigd. En waar je ook het nabijgelegen Avonturenpark Duinenzathe hebt natuurlijk, met zijn iconische rups (zouden ze die nog steeds hebben?). Maar ook vanuit het huis van mijn ouders ben je in een paar minuutjes in het woud. Aangezien ik nu bij mijn schoonmoeder in Gorredijk verbleef, was het echter wat verder reizen en leek Appelscha een logische plek om te beginnen aangezien veel routes daar starten. En hoe ver kan het nu eenmaal zijn met een elektrische fiets?

Strategie

De laatste lange loop in Zuid-Limburg was het nuchter starten zonder insuline me erg goed bevallen en dat wilde ik daarom vandaag opnieuw proberen. Let wel, met diabetes geeft een goed rendement uit het verleden geen garantie voor de toekomst. Helaas.

De avond tevoren zette ik alles netjes klaar, pompte de banden van de elektrische fiets van wijlen mijn schoonvader op en liet deze even doorladen tot 100 procent accucapaciteit. Het doel was om redelijk vroeg te vertrekken. Ook al was het niet zo warm meer, vanwege het eten was het niet aan te bevelen om laat te beginnen: de bloedsuiker zakt in de ochtend vaak en hongerig wil je tijdens het lopen ook niet zijn.

Helaas ging het al vrijwel direct mis, doordat ik bij opstaan op 4,6 mmol/l zat. Dat is echt te weinig om mee te gaan fietsen, elektrisch of niet. Naast een dosis Ucan, was ik dus genoodzaakt om ook te ontbijten. Toch besloot ik om geen insuline te spuiten, aangezien ik vrijwel direct op de fiets zou vertrekken. Hoe zou dit de strategie beïnvloeden?

Zadelpijn

Om in Appelscha te komen maakte ik gebruik van een oude elektrische Batavus. Omdat de accu helemaal in de holle buis van het frame zit, kun je deze wat makkelijker een paar uur laten staan dan andere elektrische fietsen: steelgevaar van de accu is er niet. Ik zette de trapondersteuning op maximaal (stand 3) tegen vermoeidheid in de benen en vertrok met mijn Komootroute op audio richting het bezoekerscentrum in Appelscha.

Het is ongelofelijk wat voor snelheden je met zo’n elektrische fiets kunt halen. Zonder moeite zat ik door de ondersteuning vrijwel continu rond de 28 km/uur. Een paar seconden na de eerste slag van de trappers haal je die snelheid al. Niks langzaam optrekken. Enige minpuntje: dat ding is werkelijk loodzwaar. Bij iedere stop moest ik hard in de remmen knijpen. Ik begin het idee om helmen te verplichten voor elektrische fietsen steeds beter te begrijpen. Maar voor ouderen zou ik daar ook een verplichte rembekrachtiging bij adviseren…

De route naar Appelscha ging grotendeels door weilanden over goede fietspaden. De dorpjes ken ik ook grotendeels omdat het dicht langs het huis van mijn ouders (Vledderveen) gaat. Langs de fietspaden zag ik helaas veel linten: de beschuttende eiken hadden vrijwel allemaal een waarschuwing voor de processierups. Dat voorspelde weinig goeds voor het woud. Al moet ik zeggen dat ik geen rups zag, nog voelde op die 25 km. Wel had ik aan het eind zere billen van het zadel… ik miste mijn zadelloze Me-Mover. Toch eens kijken of die mee kan op reis.

Te hoog

Eenmaal in Appelscha aangekomen, checkte ik allereerst de bloedsuiker. Dat viel niet mee: 20+ mmol/l. Waarschijnlijk was het ontbijt toch niet goed geweest of was het meetrappen met de elektrische fiets onvoldoende beweging om de bloedsuikers te doen dalen.

Als je zo hoog start, voel je je eigenlijk niet lekker. Je krijgt dorst, voelt je traag, spieren verkrampen. Mijn stille hoop was dat de bloedsuiker vanzelf wel zou zakken als ik eenmaal begon te lopen. Ik besloot dus het even aan te zien. Op zich een riskante strategie. Als de bloedsuiker boven een bepaalde waarde is, kan deze onder inspanning eerder hoger worden dan lager. Dat gebeurt vooral als de hyper komt door een gebrek aan insuline in plaats van een overschot aan voedsel. Omdat ik niet had gespoten en wel ontbeten, maar tegelijk ook door de langwerkende een hoeveelheid insuline had, wist ik niet precies welke situatie hier van toepassing zou zijn.

Dan maar rustig starten op de route die ik van een kennis had gekregen. Ongeveer 24 km door alle verschillende stukken natuur heen. Al moet ik zeggen dat ik de eerste 2 km twijfelde of het niet alleen over fietspaden ging – die heb je veel in Drenthe vanwege de Drentenier aka nors kijkende pensionado’s die 100 m achter elkaar fietsen. Gelukkig bleek dit inloopstuk achteraf het enige verharde deel van de route. Waarschijnlijk vooral ook om te voorkomen dat je twee keer hetzelfde pad naar het bezoekerscentrum moest volgen.

Eiken

Al snel bleek ook dat mijn angst voor processierupsen ongegrond was. Nergens een lintje. Dat had ik natuurlijk kunnen weten, want de meeste bossen in deze streken zijn productiebossen in plaats van parken. Dat betekent in de praktijk dat ze veelal bestaan uit keurig aangeplante rijen van dennen. Die groeien lekker snel en recht. Om de zoveel jaar kapt bosbeheer daar ook een deel van voor de verkoop. Nieuwe bomen worden uiteraard eveneens aangeplant. Wees dus ook niet verbaasd als je een stukje met veel boomstronken of omgekapte bomen ziet.

Waar het fietspad ophield, kwam ik al vrij snel in de velden terecht. Uiteraard met de klassieke vennen – ondiepe, maar erg schone plassen – die je in deze gebieden terugvindt. Zodoende moest ik ook een minuscuul stukje over vlonders lopen, net als in Gent. Zelfs al was het water in de meeste vennen erg laag.

Al lopend zag ik ook dat het niet echt goed ging met de bloedsuikers. Om de km maakte ik ongeveer een stop om even te polsen. We gingen omhoog in plaats van omlaag… na een kilometer of acht stopte ik daarom op een bankje bij een ven om een klein beetje insuline bij te spuiten. Slechts 3 eenheden omdat insuline on the run waarschijnlijk beter zou worden opgenomen. Maar of het genoeg was?

Zandverstuiving

Drenthe is de provincie van de grote natuurgebieden. Toen ik nog in Vledderveen woonde, pochten sommige partijen tijdens de gemeentelijke verkiezingen dat ze een derde Nationaal Natuurpark wilden laten opnemen. Dus naast het Dwingelderveld en het Drents-Friese Wold, beide al gigantische gebieden. Na de Veluwe zou het Drents-Friese Wold zelfs het meest uitgestrekte bosgebied van Nederland zijn. Maar het is veel meer dan dat: ‘In het Drents-Friese Wold dwaal je van zandverstuiving naar vennetje, van heide naar moeras. Wandel of fiets door het Drents-Friese Wold en je herkent nog het typische esdorpenlandschap: bolle akkers rond de dorpjes en beekdalen vol bloeiende bloemen.’ De route maakt dat goed duidelijk.

Dat van die bollende akkers hoef je overigens niet heel serieus te nemen. Maar vooral de zandverstuiving geeft mooie hoogteverschillen die door het zand behoorlijk zwaar kunnen zijn. Altijd een bijzonder stukje waar je als loper aan het ploeteren bent, terwijl op de heuvels mensen liggen te zonnen. Wat dat betreft doet een verstuiving vooral denken aan de duinen bij zee. Ook tijdens mijn ronde spotte ik zonners, ondanks dat ik af en toe een drupje regen voelde.

Op de verstuiving en de heide die erop volgde – met in het midden de grote uitkijktoren – ontmoette ik ook de eerste andere wandelaars, onder wie een stel jongedames, verfrissend aangezien ik lange tijd de jongste in het bos was. Door de uitgestrektheid en de kleine hoeveelheid toeristen, is het er extreem rustig op het moment. Voor de rest waren er misschien een paar fietsende Drenteniers en een aantal wandelaars en vogelspotters. Het drukst waren eigenlijk de MTB-parcoursen, waar toch nog wel een aantal sporters aan het oefenen waren. Niet dat het daar erg druk was, maar voor een vrijdag in dit gebied viel het me op dat ik überhaupt MTB-ers tegenkwam.

Die rust was overigens heerlijk, zeker in deze hectische tijden. Al moet ik zeggen dat de mensen daarmee echt wel een prachtig gebied missen. Waarschijnlijk zal het aantal bezoekers in augustus wel weer aantrekken als er meer toeristen zijn en het officiële heideseizoen start. Voor de liefhebber van heide: ook nu bloeien er al bepaalde soorten.

Kwetsbaar gebied

Tijdens het lopen bleef ik regelmatig checken. Na een 1,5-2 uur na de start van de loop begon mijn bloedsuiker te dalen. Dit kwam denk ik niet alleen door de extra insuline, maar ook door de Ucan die 1,5-2,5 uur doorwerkt en die ik voor het fietsen al had genomen. In ieder geval leek het weer de goede kant uit te gaan.

Eenmaal in het bos kwam ik bij een pad dat een soort loper vormde, met een tapijt van gele bloemen. Het was een uitnodigend en mooi gezicht, maar toch leek het me alsof ik hier niet welkom was. Om de zoveel meter en bij de afslagen lagen bomen recht over het pad. Te veel om toeval te zijn. Daarnaast was het gras erg lang. Ik vermoed dan ook dat dit pad eigenlijk niet meer in gebruik is. Waarom is me niet duidelijk, maar in deze streek gebeurt het vaker dat er bomen over een pad worden gelegd om ze af te sluiten. Misschien waren het wel de mooie gele bloemen die bescherming behoefden.

De route leek op meer punten niet helemaal meer up to date. Een keer bleek van het uitgestippelde pad niks te kloppen. Als het er was geweest, was het lang geleden, maar ik vermoed dat het een foutje was waar de functie ‘paden volgen’ tijdelijk uitstond. Een stukje omlopen en terugsteken naar de plek waar dit pad had uit moeten komen, bevestigde mijn vermoeden dat het pad niet bestond.

En even later kwam ik in het bos wederom op een stuk terecht waar je eigenlijk niet hoort te lopen. Opnieuw regelmatig een ‘omgevallen’ boom die het hele pad afblokte. Dat stukje was in principe wel makkelijk te omzeilen. In dit type bos zijn heel veel paden te vinden, parallel door de productiebosstatus, dus omlopen is vaak geen probleem.

Zoals te verwachten speelde ook het broedseizoen nog een rol. Eenmaal uit het bos kwam ik opnieuw op de zandvlakte. Daar stonden op diverse plekken borden of we alsjeblieft niet over de niet uitgestippelde wandelroutes wilden lopen in verband met de kwetsbare natuur en broedende vogels. Gelukkig zag ik op mijn horloge snel dat een stukje omlopen via de rode en witte routes geen probleem zou zijn om veilig terug te komen. Dat heb ik dus maar gedaan. Let wel: er staat geen groot verbodsbord op deze route, maar dat is vanwege de grote open vlakte ook geen mogelijkheid. Dit gebied is niet als een weiland met overal hekjes: het enige hekwerk staat rond de hele verstuiving en dus is het alles of niets verplicht sluiten. Aan medelopers zou ik willen adviseren om toch gewoon zoveel mogelijk de aanwijzingen op te volgen, voordat het gebied op grotere schaal wordt afgesloten.

Mestkever

Het was nu nog maar een klein stukje terug naar de start. Ik had al veel mooie gebieden gezien. De bloemen, de heide, het zand en de bossen. Ik zag grote roofvogels en volgens mij – aan de tekening en oranje kleur te zien – ook goudvinken. Voor de liefhebber van natuur en rust is dit een topgebied. Je zult er voornamelijk ouderen treffen, veelal uitgerust met verrekijkers, maar die groeten wel vriendelijk. Ze zijn zelfs blij als ze je vanuit het niets plots tegenkomen terwijl je rond een paardenvlaai staat te fotograferen waarop mestkevers en heideblauwtjes (vlinders) zijn te zien. Ook dit gebied is dus een echte vakantieaanrader.

Terug bij het bezoekerscentrum zag ik gelukkig dat de bloedsuikers ook weer helemaal in orde zijn. Jippie, ik mocht lunchen na 25 km lopen en 25 km fietsen met nauwelijks voeding. Kroketten en friet als beloning voor ik opnieuw 25 km terug mocht op de elektrische fiets. Met nog 5 procent accu over, stapte ik voldaan af bij het schuurtje.