Maas-Niederrheinpad: dooreten van Herkenbosch tot Roermond

Ruim 40 km eten, eten, eten. Een gevarieerde hardlooptocht langs kastelen, kloosters, dichte cafetaria en supermarkten.

Vorige etappe: Swalmen-Roermond

Spargel? Overal zag ik borden met dit woord erop. Misschien was ik nog een beetje moe, want ik kon het niet direct thuisbrengen. Als loopfanaat dacht ik al aan gelletjes van de Spar, heel goedkope loopvoeding en nog veel meer. Tot ik de aspergestekers in de velden zag. Ja, zo dicht bij de Duitse grens adverteren ze alleen in die taal.

Opnieuw was dit een dag dat ik echt zin in lopen had. De hele busrit van Swalmen naar Herkenbosch, toch een uurtje rijden, stond ik te kwispelen om verder te kunnen lopen. Het stukje van donderdag was echt veel te kort geweest. Die grote drang was eerlijk gezegd wel een beetje onverwacht. Ik had namelijk een heel slechte nacht gehad omdat de bloedsuikers enorm gingen pieken, vervolgens keihard daalden midden in de nacht, en even later weer omhoog vlogen. Het lichaam was een tikje van slag en gebrek aan slaap is dan snel het gevolg.

Vanwege de lange aanreistijd nam ik in de ochtend – wederom hoge bloedsuiker – uiteindelijk een vrij fatale beslissing en spoot ik een normale hoeveelheid insuline. Eenmaal aangekomen bij Meinweg, een nationaal natuurpark met de adder als symbool, was de bloedsuiker al ingestort tot onder de 4. Ik kon dus beginnen door naast mijn dosis Ucan ook een nougatblokje op te eten. Of had ik toch voor de ‘Spargel’ moeten kiezen…

Slangen

Mijn route begon niet helemaal gelijk met de officiële route van het Maas-Niederrheinpad. Voor de afstand had ik eigenlijk nog iets verder willen starten, maar dat was met het openbaar vervoer vrij lastig. Zodoende maakte ik een klein lusje langs nationaal park Meinweg en kasteel Dalenbroeck omdat ik die stukken in het boekje er zo interessant uit vond zien.

Stiekem hoopte ik ook het symbool van Meinweg tegen te komen: de adder. Binnen de Great Virtual Race Across Tennessee is het namelijk een soort ereteken als je een slangenfoto post. Die kans is in Nederland bijzonder klein (als je niet weet waar te zoeken), maar Meinweg zou volgens het boekje kansrijk zijn in het heidelandschap. Helaas bleek mijn lusje net wat te kort om de echte heide te bereiken.

Wel kwam ik door een moeras, waar ik de eerste natte voeten van de vakantie haalde. Ook deze dag was de temperatuur hoog en de zon fel. En de bloedsuiker laag, want ik was nog geen 3 km aan het lopen en ik had alweer bijvoeding nodig. Net voor ik het terras van het kasteel – tegenwoordig een hotel – bereikte helaas.

Schieten in stilte

Al lopend verbaas je je soms over dingen. Zo kwam ik bij de uitgang van een bossage – richting open veld – een bordje stiltegebied tegen. Dat was al merkwaardig voor zo’n open vlakte waar het geluid ver draagt. Maar vreemder nog, het weiland bleek tevens een schietterrein als de rode vlag wapperde. Ik hoopte maar dat ze een geluiddemper gebruiken.

Hoewel de route op papier heel mooi leek, bleek er in de praktijk veel geasfalteerd te zijn. Lange stukken weg en fietspad moest ik volgen door uitgestrekte akkerlanden met vooral graan, Spargel en paarden. Niet dat het niet mooi was, de korenbloemen en klaprozen maakten veel goed, maar het is niet de ondergrond waarop ik het lekkerst liep en de volle zon maakte het geheel nog wat zwaarder.

Aderlating

Ondanks dat ik geen slang zag, had ik gelukkig wel veel compagnons onderweg. Vogeltjes met felle gele tekening, een vogel fladderde zelfs als een vlinder met me mee, wederom de donkergevleugelde libellen, een eekhoorn. Behalve voor slangen, werd er ook veel gewaarschuwd voor dassen. Maar hoe meer bordjes dat je ze kunt zien, hoe minder groot de kans dat je ze zag, leek het wel.

Hadden ze maar bordjes voor muggen neergezet. Op een gegeven moment kwam ik langs prachtige bosstukjes met een kabbelende beek. Natuurlijk wilde ik stoppen voor een foto. Maar zodra ik snelheid minderde, zaten mijn benen vol met muggen. En ik was net te langzaam met slaan, waardoor de muggen uiteenklapten en rode straaltjes van mijn eigen bloed op de kuiten achterlieten. Nadat ik ook nog een paar keer moest stoppen omdat ik opnieuw laag zat, waren mijn benen vrijwel oranje gekleurd door het met zweet en zonnebrand vermengde bloed… in de middeleeuwen hadden ze dit vast een prima oplossing voor pijnlijke kuiten gevonden. In de werkelijkheid had ik daar gelukkig de hele dag nog geen last van gehad, met of zonder aderlating.

Dat er zoveel muggen waren, lag mogelijk ook deels aan het vochtige weer. Ik liep een stuk door tot het wat minder mugachtig was toen de tijd voor opnieuw smeren weer was gekomen. Het zweten ging nu echter zo hard dat je op het bankje exact kon terugzien waar ik had gezeten. En inmiddels begon ik ook weer te snakken naar een koud drankje of ijsje. En meer eten. Want die hypo’s gingen maar door. Op naar het volgende dorp.

Montfort

Vooraf waren er een paar punten op de route die sterk mijn aandacht trokken. De abdij van Sint Odiliënberg – die ik ook vanuit de bus goed kon zien – en de ruïne van Montfort. Je bent romanticus of je bent het niet. Die laatste ben ik vast straal voorbijgelopen, want ik kan me niet herinneren ook maar iets over de ruïne te hebben gezien.

Nu moet ik ook zeggen dat Montfort me niet heel erg beviel. Het was dat dorpje waar ik dus lekker op een terras wat te eten en drinken wilde scoren. En volgens Google Maps zou ik daarvoor voldoende keuze hebben, slechts een meter of 100 van de route was al een café aan een rotonde. Dat café was dicht. Net als de ijssalon ertegenover. En de volgende twee terrassen een paar honder meter verderop waren ook al dicht. Dit op een tijd dat het normaal toch druk zou moeten zijn met lunchende toeristen.

UIteindelijk neem ik de toevlucht tot de Coop, met inpandige bakkerij en gekoelde cola. Dat hapje laat ik me niet ontzeggen. Al geef ik toe dat het wat lastig at zonder vork en schaaltje op een muurtje van de parkeerplaats.

Energie

Opnieuw loop ik langs een liefelijk beekje, de Vlootbeek. Het uitzicht verandert echter al snel als in de verte de indrukwekkende koeltorens van de Clauscentrale te zien zijn die de omgeving hier domineren. Hoe indrukwekkend deze centrale er ook uitziet, hij lag de afgelopen zes jaren stil. Het is namelijk een voornamelijk gasgestookte centrale. Een heel schone brandstof, maar veel te duur naast het sterk vervuilende bruinkool dat in de dagmijnen in Duitsland gewonnen wordt.

Via een kasteeltje kom ik nu langzaamaan weer bij de grotere plassen aan de rand van de Maas. Nu is het Roermond dat de skyline beheerst met de tv-toren als baken. Gelukkig komt de stad steeds dichterbij, want opnieuw zit ik door het drinken heen. Voldaan en zonder echt vermoeide benen of krampjes stap ik daarom bij de kiosk op het station binnen. Daar word ik onmiddelijk herkend als repeat offender, blijkbaar valt mijn uitrusting zo op dat de medewerker me onthouden had.

Over de route: de route van deze dag begon met een extra lusje rond Herkenbosch; let wel op dat deze lus een stuk landbouwgrond bevat dat volgens mij per ongeluk als pad is aangezien. In ieder geval begin ik ongeveer bij het eind van etappe 15 (kaart 47) en loop dan naar Roermond via etappe 16 en 17 (kaart 48-53) van het Maas-Niederrheinpad.

Vanwege de lengte van het verhaal heb ik besloten dit in vijf delen op te breken:

3 antwoorden op “Maas-Niederrheinpad: dooreten van Herkenbosch tot Roermond”

Reacties zijn gesloten.