Op 33 toeren door de groeven in Maastricht

Alle foto’s: Ludo van der Put/Ludo-grafica

De Beartrail bij de ENCI-groeve in Maastricht stond al een hele tijd op het verlanglijstje. Vorig weekend kon ik hem eindelijk doen. Hoe gingen de eerste heuveltjes in lange tijd?

Lang geleden stond ik ingeschreven voor de Beartrail in Maastricht. Ik had er heel veel zin in om een keer in de ENCI-groeve te lopen en de mergelgrotten te zien. Maar een paar dagen voor die wedstrijd kon ik mijn inschrijving en Airbnb afzeggen, een longontsteking gooide roet in het eten.

Tijdens het Krijtlandpad kwam ik weer bijna bij de groeve. De aantrekkingskracht was er zeker, maar ik wilde toen echt op de route van het pad blijven. Uiteraard wel terugmijmerend aan de laatste keer dat ik in de groeve was: een rondleiding voor abonnees van het tijdschrift Cement waar ik destijds eindredacteur van was. Het kantoorpand van ENCI was toen al angstvallig leeg: slechts op één verdieping werkten nog mensen. Sinds 2019 is het kantoor echt niet meer in gebruik en is de groeve teruggegeven aan de bevolking als natuurgebied. Een deel van de ovens staat er nog als industrieel erfgoed.

Dat de wedstrijd in coronatijd nog niet uitverkocht was, bracht een derde kans. Het leukste was nog wel dat er ook een challenge was om twee afstanden te lopen: een op zaterdag en een op zondag. Alleen het vinden van een hotel bleek wat lastiger: door corona was de agenda van sportwedstrijden ineen geschoven en daardoor was hetzelfde weekend ook de Amstel Gold tour en een triathlon in Maastricht. Gelukkig kwam het net op tijd goed.

Maar waarom heb je dan ook niet eerder ingeschreven? Nou eigenlijk is dat heel eenvoudig: aan het begin van het academiejaar is het extreem druk en moet ik ook zelf de nodige gastcolleges geven. Dat is behoorlijk vermoeiend, dus plan ik de agenda in die periode bij voorkeur niet vol. Maar als het dan eenmaal zo ver is, ben ik doodop, maar wil ik wel de afleiding.

Traplopen

Het begon een beetje met tegenslag: toen ik in het hotel de route wilde inladen – ok een beetje laat – alvorens naar de groeve te fietsen voor de eerste 14 km, weigerde de Garmin deze op te nemen. En vervolgens liep hij volledig vast. Heel naar, want er was een volledige reset nodig en dan moet je helaas ook alles opnieuw instellen qua navigatiemogelijkheden en bloedsuikerdatavelden. Zodoende zat naast de vermoeidheid ook de eerste stress er al in.

Zelfs in een relatief klein deelnemersveld is het vreemd om weer gezamenlijk aan de start te staan. Maar we gingen met zijn allen direct – niet al te snel – tegen de eerste grintheuvel op. Nou ja, niet al te snel, de eerste stukken zat er toch wel redelijk de turbo op, ondanks dat ik nog een dag moest lopen. Heuvelaf mocht ik op de rem, wat ik wel vaker merk, omdat er op deze afstand niet heel snel gedaald werd door de meesten.

Op het moment dat ik al wat afgematter werd van het heuveltjes nemen, kwam de echte klim. Een stalen trap die ons direct 40 m hoger bracht. Niet te veel door de stalen spijlen kijken om hoogtevrees te voorkomen en stug doorklimmen. Om boven bekaf te zijn.

Kasteel

Al snel was het weer op en neer door het heuvelland. Door prachtige omhegde singeltracks, door weilanden met grootse uitzichten, richting Fort Sint Pieter. Inmiddels was de vermoeidheid echt wel voelbaar. Het was al snel duidelijk dat de heuveltraining behoorlijk achterwege was gebleven dit jaar. Ook de Me-Mover heb ik weinig gebruikt sinds ik daar nogal hard mee crashte. Dus aan power bergop ontbrak het echt.

Een voordeel dat ik bij het wandelen wel had, is dat ik onlangs tijd heb gespendeerd om wat met wandeltechniek te doen. Daar zal ik in een later blog zeker nog op ingaan, maar het is een technisch dingetje dat wat meer tijd kost om uit te leggen. Laat ik het zo zeggen, zelfs met niet helemaal correcte inzet van de chiwalking-techniek, maakt het minder snel vermoeid en ga je misschien net iets sneller dan bij gewoon wandelen.

Bij de oprit van het kasteel moest ik om een Engelse vrouw heenslingeren die net tegen haar man klaagde over dat het disgusting was dat er zoveel honden liepen op het terrein. Ik vroeg me even af of ze daarmee in werkelijkheid soms bezwete lopers bedoelde, maar ze zoekt het maar mooi uit, zij is niet de baas in ons land.

Iets na de helft was de verzorgingspost. Op dat moment had ik nog niet zoveel nodig, dus ik nam enkel wat tucs mee. Slechte inschatting, zo bleek al snel. Een kilometertje verder was de tank volgens mijn Libre echt leeg. En had ik plots zin om helemaal te wandelen. Op die manier verloor ik natuurlijk snel de nodige plaatsen en kwam ik al gauw achterin het klassement te liggen. Na 12 km had ik er al wel een beetje genoeg van en kreeg ik spijt van de inschrijving voor de volgende dag.

In de daling

Die volgende dag zag ik echt wel een beetje tegen de loop op. Niet dat ik spierpijn had, maar er was wel de nodige vermoeidheid en onzekerheid over mijn snelheid op de heuvels. Gelukkig leek de sfeer onder de deelnemers vooraf iets gemoedelijker dan bij de 14 km. Maar ook deze 32 km route – die gelukkig weinig overeenkwam met de eerder gelopen route – begon met een aantal klimmetjes.

Al snel sloeg het brandstoftekort ook weer toe. Na een kilometer of 10 zat ik continu laag. Hoeveel ik ook at, mijn bloedsuikers wilden niet meer omhoog. Eerst twee gels, geen resultaat. Vervolgens een flapjack van meer dan 50 koolhydraten. Geen resultaat. Goudbeertjes en noga. Lichte stijging. Was ik te moe om dingen op te nemen? Een ding is zeker: mijn bezuiniging op zetmeel/Ucan (het is toch maar een korte race…) zou ik niet nog een keer doen. Daardoor miste ik nu ook een basis.

En tijdens die lage bloedsuikers zag ik de hele staart van de race aan me voorbijtrekken. Ik probeerde langzaam te hardlopen. Kwam langs het kasteel Lichtenberg waar een foto werd genomen die per abuis in het album van de later startende 18km-groep eindigde. En probeerde nog wat harder te gaan, maar viel vervolgens door een gebrek aan coördinatie (een van de symptomen van een hypo, de dronkemansloop). Ergste schade was dat ik naast wat schaafwonden een van mijn favoriete startnummermagneetjes kwijtraakte.

Toen de bloedsuikers eindelijk een beetje begonnen te stijgen, ging ik weer wat harder, maar al snel zette de langzame daling weer in. En voelde ik me shaky. Of het nu extra vermoeidheid door de lange periode van lage bloedsuikers was, of de nieuwe daling. Het vervelende hierbij: er kwamen net een paar redelijk technische stukjes met hele steile dalingen, van het soort waar ze bijna touwen moeten hangen. Met de ongecoördineerdheid een hel.

Over de brug

Eenmaal bij de verzorgingspost was het weer iets beter gesteld met de bloedsuikers. Het was bij een brug die ons naar België zou brengen en waar je kon kiezen om de route van de 32 km of de 18 km te volgen. Ik had er eigenlijk genoeg van en wilde wel stoppen, maar de volgende verzorgingspost zou een stuk dichterbij zijn. Dus besloot ik op hoop van zegen te kijken of ik me weer wat beter zou voelen in de tussentijd.

Nog geen kilometer voorbij de brug kwam er echter al iemand achter me aan met een grote zak op de rug. Inderdaad, de bezemloper die de pijlen aan het ophalen was. Ik legde uit dat ik – inmiddels weer gezakt – door een bloedsuikerdipje niet echt snelheid kon maken. Maar het spoorde me ook aan om weer meer te gaan lopen. Nadat hij een telefoontje moest plegen, raakte ik de bezemloper weer kwijt.

Het humeur werd er niet beter op en eigenlijk had ik het wel gehad: ik voelde uitgewrongen. En ik was inmiddels ook best wel misselijk van al het geëet. Dus eigenlijk stelde ik me er een beetje op in om bij de volgende verzorgingspost – die toch verder bleek dan gedacht – uit te stappen. Waarom ik het niet deed? Het vriendelijke onthaal daar, een bijna volgegoten bidon met cola, de mentale boost en rustgevende werking van het contact en het feit dat ik eigenlijk zelfs wandelend nog op tijd binnen zou komen.

Vleugels

Na die verzorgingspost kon ik best weer redelijk lopen. Ok, ik pakte meer wandelpauzes, maar voelde me minder vermoeid. Kon weer genieten van het uitzicht over de groeve van de andere kant van de rivier. En ik haalde vlak voor de tweede kruising van de brug de vader en dochter weer in die mij bij de eerste overgang inhaalden.

Vanaf de brug – waar ik nogmaals wat cola in de tank gooide voor de benodigde vleugels – zou het nog maar een kilometer of 5 zijn. Wat wel minder was: de triathlon was inmiddels in volle gang en de fietsen reden precies op dit stukje parcours. Daardoor moest ik een minuut of 5 wachten voor ik mijn route mocht voortzetten van de verkeerswacht.

Hoewel het tempo er weer wat meer inzat, en ik de stal rook, kwam er nog een belangrijk obstakel aan. De klimmetjes aan het begin waren kinderspel. Hier begon het echt, met stukken waar ik bijna op handen en voeten recht omhoog moest. Behoorlijk spannend ook na de eerdere val. En voor alle deelnemers: lastiger als de vermoeidheid eenmaal is ingetreden. Maar het is me gelukt en uiteindelijk ben ik binnengekomen. Vrijwel als laatste van deze wedstrijd, in ieder geval de laatste in het challengesegment. Maar dat is bijzaak.

Lessen

Waar het hier precies fout ging, weet ik niet. De bloedsuiker die niet wilde stijgen, kan een gevolg van vermoeidheid zijn geweest. Eigenlijk had ik dit weekend dan ook rust moeten houden, denk ik achteraf. Afwijken van de basisvoeding, wat ik vaker doe op routes van 25-30 km, was een andere slechte beslissing. Door de hoogtemeters had ik immers kunnen weten dat deze wedstrijd veel meer tijd en energie zou kosten dan normaal.

6 antwoorden op “Op 33 toeren door de groeven in Maastricht”

    1. Helaas is dat soms het leven. Ook zonder te lopen moet ik vaak wel doorzetten als er soortgelijke problemen zijn met de voeding.

  1. Wat een gaaf verhaal. En wat goed om te lezen dat je toch door bent gegaan. Ik word ook altijd compleet gefrustreerd als lage bloedsuikers me remmen. Ik loop niet jouw afstanden hoor, maar het gevoel is vast hetzelfde..

    succes met de volgende race!

    1. Ja, soms zit het echt even tegen hè. Afstand maakt daarbij niet veel uit, al heb je er na een hele snelle of tijdens een erg lange loop wel iets meer kans op omdat je dan relatief veel energie verbruikt.

  2. Great job. It looks like a beautiful and challenging race. Glad you stuck it out through the blood sugar issues and finished strong.

Reacties zijn gesloten.